Maak kennis met … Prof. dr. Coen Stehouwer

Prof. dr. Coen Stehouwer (1960) is hoogleraar en hoofd van de afdeling Interne Geneeskunde en woont in Meerssen. Hij is de initiatiefnemer van De Maastricht Studie.

Coen Stehouwer

Waar ligt uw persoonlijke interesse bij De Maastricht Studie?
In de 35 jaar dat ik arts ben zag ik talloze patiënten met diabetes. Ik blijf me daarbij afvragen waarom de ene diabetespatiënt vrijwel zonder complicaties en andere ziekten blijft terwijl de andere veel slechter af is. Hoe kunnen we die complicaties voorkomen? En is het toeval of niet dat die andere ziekten vaker voorkomen? Met de structurele, wetenschappelijk aanpak binnen De Maastricht Studie wil ik daar meer over te weten komen.

Wat wilde u vroeger worden?
Ik wilde iets doen dat leuk en interessant was en waarbij ik met meerdere dingen tegelijk ‘breed’ bezig kon zijn. Breder dan met mensen werken kan natuurlijk niet, dus zo ben ik uiteindelijk arts geworden.

Wat was de beste keuze in uw leven?
Dat ik interne geneeskunde ging doen. Dat past echt bij mij. Interne geneeskunde blijft altijd een intellectuele uitdaging zonder einde, waarbij je vooral breed naar de hele mens moet kijken.

Wie is uw voorbeeld?
Ik had het geluk dat ik al vroeg in mijn carrière mensen ontmoette die dit vak op een heel aansprekende, eigen manier uitoefenden. Zij inspireerden mij om ook op mijn eigen manier mijn vak op hoog niveau uit te oefenen.

Waar bent u het meest trots op?
Dat ik De Maastricht Studie als infrastructuur heb opgezet. Met een beetje geluk bestaat die over 50 jaar nog altijd. Ze zal er aan bijdragen dat we de overstijgende zaken rondom diabetes beter gaan begrijpen. 10 jaar geleden dachten we bijvoorbeeld nog dat de voorstadia van diabetes onschuldige toestanden waren. Dat blijkt dus absoluut niet zo te zijn. Inmiddels weten we dankzij de studie dat deze patronen steeds weer terugkeren en daar kunnen we dan verder onderzoek naar doen. 

Wat zou u doen als u 1 ding in de wereld kon veranderen?
Als ik kon toveren zou ik het ‘hokjeskijken’ uitbannen. Veel artsen en onderzoekers kijken alleen naar hun eigen ding, niet naar de hele mens. Terwijl dat essentieel blijkt bij patiënten met chronische ziekten. 

Wat is uw favoriete boek?
Dat is het boek ‘1984’ van George Orwell. Hij laat zien dat mensen tegenover elkaar tot verschrikkelijke dingen in staat zijn als de politieke en sociale systemen daarop ingericht zijn. En dat de beïnvloeding van mensen heel subtiel kan gebeuren door middel van bepaald taalgebruik bijvoorbeeld. Tegenwoordig noemen we dat ‘framing’. Dit boek uit 1948 beschrijft op tragische wijze wat er dan gebeurt. Het boek loopt dus ook niet goed af. 

Wat doet u om fit te blijven?
Ik tennis en fitness, zowel op kracht als op cardio, zo’n 3 tot 4 keer per week. De laatste jaren lukt het me beter om die frequentie daadwerkelijk vol te houden. Maar ik realiseer me ook hoe moeilijk het kan zijn om sporten vast in je leefpatroon in te bouwen en te houden. Zelfs als je weet hoe belangrijk het voor je gezondheid is.