24 juli 2018

Man/vrouw verschillen in het risico op hart- vaatziekten door diabetes

Eind 2017 zijn we bij De Maastricht Studie gestart met een project waarbij wordt gekeken naar de verschillen tussen vrouwen en mannen in het risico op hart- en vaatziekten door diabetes. Zoals u wellicht al eerder gehoord heeft, hebben mensen met type 2 diabetes een verhoogd risico op het ontwikkelen van hart- en vaatziekten. Gemiddeld is het risico bij mensen met diabetes zelfs twee keer zo hoog dan bij mensen zonder diabetes. Echter blijkt uit eerder onderzoek dat dit verhoogde risico niet gelijk is voor vrouwen en mannen.

 In eerdere studies is gekeken naar het risico op coronaire hartziekten bij vrouwen zonder diabetes en bij vrouwen met diabetes. Dit is ook gedaan bij mannen zonder diabetes en bij mannen met diabetes. Hieruit is naar voren gekomen dat er een stijging is in het risico op coronaire hartziekten samenhangend met diabetes. Deze stijging is meer dan 40% hoger bij vrouwen dan bij mannen. Daarnaast neemt ook het risico op een beroerte en op dementie bij vrouwen meer toe.

Eerder onderzoek heeft aangetoond dat biologische verschillen tussen vrouwen en mannen te maken kunnen hebben met de verschillende risico’s op hart- en vaatziekten samenhangend met diabetes. We zullen onder andere gaan kijken of verschillen in lichaamssamenstelling en vetopslag hier iets mee te maken hebben. Vrouwen slaan bijvoorbeeld vet eerder onderhuids of rondom de heupen op, terwijl mannen vet sneller opslaan in de buik regio. Wij gaan onderzoeken of deze verschillen (deels) een verklarende factor kunnen zijn in bovengenoemd vraagstuk.

Echter is er nog meer onduidelijk over mogelijke verschillen tussen vrouwen en mannen wat betreft de gevolgen van diabetes. Zo is bijvoorbeeld nog niet duidelijk of de verschillen vooral te maken hebben met aandoeningen die samenhangen met het minder goed functioneren van de grote bloedvaten, of dat ook de kleine bloedvaatjes betrokken zijn. Daarnaast zijn er wellicht ook nog andere verschillen te zien tussen vrouwen en mannen, zoals bijvoorbeeld in het cognitief functioneren of in het risico op botontkalking. Deze vragen willen wij graag in de komende 4 jaar gaan beantwoorden binnen De Maastricht Studie. We zullen hiervoor veel van de verzamelde gegevens gebruiken waarvoor u naar het onderzoekscentrum bent gekomen. Hierbij valt te denken aan het MRI- en dexa onderzoek, waarbij wordt gekeken naar de lichaamssamenstelling en de vetverdeling, maar ook gegevens van bijvoorbeeld de hartecho, vaatecho, bloedonderzoek, bloeddruk en cognitie onderzoek zullen we gaan gebruiken. We hopen hiermee de biologische mechanismen te achterhalen die deze verschillen veroorzaken, waardoor uiteindelijk de zorgrichtlijnen over de gevolgen van diabetes aangescherpt kunnen worden.